Bedrijfsuitstapje Maatschappelijk Betrokken Ondernemen

De weergoden waren ons gunstig gezind. Geschoeid met sportschoenen ontmoetten wij, Hermien, Annemarie, Carla, Nienke, Liesbeth, Monica en ondergetekende elkaar op zorgcentrum Antrozorg. Vandaag gaan er 5 van ons met bewoners naar de Dierentuin Amersfoort en 2 van ons gaan pannenkoeken bakken op de dagbesteding. Er gaat ook begeleiding mee. Totaal 3. Onder de streep van de rekensom staat dat elke ‘vrijwilliger van Vogelbescherming Nederland’- want dat waren wij opeens – de taak kreeg met 1 bewoner op te trekken. Een paar uur.

Ik mocht me met een viertal collega’s laten transporteren naar het Dierenpark. Goed geregeld door Hermien en Antrozorg, dus wij hoefden tot dan toe niets. Bij het Dierenpark werden de bewoners ‘verdeeld’. Ik kreeg Peter. Met daarbij een korte gebruiksaanwijzing over Peter. In werkelijkheid heette Peter anders, maar omwille van de privacy geef ik de bewoners nu fictieve namen. Peter was van Turkse afkomst, man van ongeveer 40, werd al lange tijd niet meer door ouders of andere familie bezocht. Peter vond het allemaal leuk. Hoewel hij mij bij onze eerste ontmoeting een beetje sceptisch aankeek, pakte hij een uur later mijn hand. Of het eraan lag dat hij mij aardig vond of dat hij mij zag als mediator tot de snoepzak (het voorrecht was mij te beurt gevallen dat deze achter de rolstoel van Peter was gesitueerd), zal ik nooit weten. Praten kon Peter niet.

Niet alleen Peter was een onbestorven weeskind, ook Anton kreeg geen aandacht meer van anderen dan de beroepskrachten van Antrozorg aan wie de zorg over hem was toevertrouwd. En met zulke mensen mag je dan een paar uur optrekken. Ik vind dat een eer.

Aan Carla werd een dame gelinkt, die redelijk kon lopen. Maar pas als je haar daartoe aanzette, want anders liep ze geen stap. Ontroerend te merken dat je iemand door de aanraking van een milde hand op de rug uren kunt laten lopen. Nienke duwde een rolstoel van een dame, die haar enthousiasme over dit dagje-uit geregeld uitte door een schaterlach. Annemarie mocht Anton aan de arm nemen. Een heer die bij elke overgang van vloersoort angst had in het diepe te vallen. En er zijn veel overgangen van vloersoorten in het Dierenpark, dus je begrijpt dat Annemarie haar vaardigheden maximaal kon inzetten. Aan Hermien werd een jongeman toevertrouwd, die het enthousiasme van Hermien overnam zodra zij zich aan hem had voorgesteld.

Ontzettend leuk om je anders zo mooi-geschoeide collega’s in deze totaal andere setting te zien acteren!

We passeerden beren, flamingo’s, sneeuwuilen, apen en olifanten. Kalme beesten in een door mensen zorgvuldig geschapen habitat. Even vroeg ik me af wie er meer gevangen zat: de dieren of deze mensen, die nu eenmaal ‘de pech’ hadden als gehandicapte  te zijn geboren of verworden. Of zijn we in zekere zin allemaal ‘gekooid’, zoals Plato mooi uitdrukte in zijn stelling dat de menselijke ziel na zijn geboorte gevangen wordt in de kerker van zijn lichaam. Hierover zou ik nog uren kunnen uitwijden.

Onderweg filosofeerden wij met elkaar of wij dit beroep, het verzorgen van deze mensen die nu eenmaal full-time zorg nodig hebben, ook ambiëren, of juist niet. Daarover waren de meningen verdeeld. Intussen passeerden wij de struisvogels en even besefte ik dat ik op hen lijk: ik stop soms ook mijn kop in het zand voor leed. Het is goed om middels dit initiatief even over de rand te kijken van huis-, tuin- en keukengeluk en te realiseren dat het in het leven eigenlijk om heel andere dingen draait als waarover wij ons doorgaans druk maken.

Diep respect hadden wij voor de verzorgers die dag in dag uit de zorg voor deze, in onze ogen  beperkte mensen op zich nemen.

(de namen zijn gefingeerd, het uitstapje heeft echt plaatsgevonden)

Marianne – Amersfoort – voorjaar 2014

Share

Het onvermijdelijke is dan nu toch gebeurd! Verslag van een grappige ontmoeting

Ik heb een zakelijke afspraak om 11 uur in een sjiek restaurant in Nijkerk, met een meneer die ik nog niet eerder gezien heb. Ik ben namelijk bezig met het houden van een aantal interviews onder medewerkers van een organisatie (ivm het maken van een organisatiediagnose, om een advies te kunnen geven in het maken van een HR-professionaliseringsslag) en doe een onderzoek. In dat kader gebeurt het vaker dat ik vantevoren niet weet hoe mijn gesprekspartner eruit ziet.

Ik noem de meneer, met wie ik de ontmoeting vandaag zal hebben, voor het gemak even ‘Paul’ (in het echt heet hij anders).

Vijf minuten voor 11 arriveer ik in het restaurant en, zoals ik meestal doe, meld ik me bij de receptie met de mededeling dat ik om 11 uur een afspraak heb, met Paul. Ik stel daarbij de vraag of meneer er al is en, als hij er nog niet is, de receptionist bij zijn aankomst aan hem wil doorgeven dat ik er al ben en in het restaurant zit.

Mijn relaas aan de in prachtig zwart pak-met-gouden-knopen gestoken baliemedewerker (en dat met die hitte) werd onderbroken door een enthousiast roepende en vanuit het restaurant naar me toelopende meneer met reeds uitgestoken hand. “Bent u Marianne?”. Nou, dat moest hem dan zijn. Meneer voldeed niet aan de verwachtingen die ik had van het type medewerker van het type organisatie waarvoor ik de interviews houd, maar ik laat me graag verrassen. Voor me staat een meneer van zo rond de 55 met een hip brilletje en een nét niet meer bij zijn leeftijd passende jovialiteit, maar wel een bij zijn leeftijd passende buikomvang. Hij komt me iets te extravert over voor de functie die hij verricht. Op LinkedIn zag hij er bovendien anders uit, maar misschien had ik dan ook bij de verkeerde ‘Paul’ gekeken. Je gaat op zo’n moment aan alles twijfelen, maar niet aan het feit dat deze heer in zíjn agenda had staan dat hij om 11 uur een afspraak met mij zou hebben…

We zochten een zitplek. “Laten we maar buiten gaan zitten, tenslotte is het erg lekker weer”. Ik volg meneer en installeer mezelf aan een tafeltje naast een vijver met karpers. We bestellen 2 koffie en het gesprek begint.

Ik spreek de standaard openingszin uit: “Heeft u een goede reis gehad?” (intussen in mijn geheugen gravend waar deze meneer ookalweer woonde). “Ja, het was wel warm in de auto, maar ik ben er. Ik ben blij dat u de afspraak niet vergeten was, ik wilde u net een mail sturen”, antwoordde het heerschap. Ik dacht: Tuurlijk vergeet ik mijn afspraak niet, maar zei dat niet hardop. Mister bezwete uitbundigheid vervolgde: “Ik kom uit Emmen”. Ik: “Uit Emmen? Dan is Nijkerk niet echt een voordehand liggende plek om elkaar te ontmoeten?”. Meneer: “ach, ik ken het hier goed, het is mijn favoriete hotel, ik zal u straks de ruimte laten zien waar onze activiteiten normaliter plaatsvinden”.

We praten nog een paar minuten door. Intussen gaat mijn denktank als een razende tekeer. Wat klopt hier niet? En …als er inderdaad iets niet klopt, wat ga ik daar dan nu aan doen?? Ik: “Uhm, meneer, misschien een heel rare vraag, maar heet u Paul?”. Het werd stil. Zwijgen kon hij dus ook. Vaak liggen bepaalde competenties net verborgen onder het waarneembare oppervlak en komen ze pas aan het daglicht als je mensen net de juiste vraag stelt. “Nee, ik ben Piet en ik heb om 11 uur een afspraak met ene Marianne. Dat bent u dus!”. Ik barst maar in lachen uit, wat anders? “Meneer, dit is heel grappig, maar dit is een misverstand, we hebben geen afspraak met elkaar, ik heb een afspraak met Paul …”. Piet keek in zijn aantekenboekje en inderdaad kwam de achternaam van mij niet overeen met de achternaam van zijn afspraak. Pff.

De echte Paul stond intussen bij de receptie en was met de prachtige picollo in gesprek: “Ik heb een afspraak om 11 uur met ene Marianne, ik weet niet hoe ze eruit ziet, maar weet u of ze er al is?”. Ik loop net iets te joviaal, met uitgestoken hand naar hem toe en zeg: “Dag Paul, fijn dat u er bent, ik zat net op u te wachten!”

Marianne, 24 juli 2012

Share

Nieuw soort persoonlijkheidstest bij recruiting?

U als werkgever herkent dat vast: hoe ingewikkeld is het om de vaardigheden van een kandidaat te weten te komen, die bij u solliciteert op een bepaalde functie? Als iemand bij het Rotterdams Philharmonisch Orkest viool wil komen spelen, dan laat je hem zijn kunsten voordoen. Dat heet dan auditie. Zo moeilijk is dat niet. Je kiest gewoon de beste violist. Bij selectie van een nieuwe docent, verzoek je hem of haar een proefles te verzorgen. Bij een software-developer vraag je degene die beweert dat hij de nodige kennis in huis heeft, een technisch assessment doen.

Maar hoe ontdek je welke persoonlijkheid iemand heeft? Stel dat er binnen een IT-bedrijf wordt gewerkt met autonome teams, hoe test je of jouw geschikt lijkende kandidaat ook echt een team-worker is? Hoe test je de emotionele intelligentie van jouw kandidaat-docent? Het aanpassingsvermogen van je nieuwbakken muzikant?

De standaard persoonlijkheidsassessments zijn voor iemand met een gemiddelde tot bovengemiddelde intelligentie vaak makkelijk te manipuleren. Uiteraard is het voor een kandidaat niet wijs om dat te doen (je wil toch niet werken in een bedrijf, dat een verkeerde verwachting van je heeft?), maar … helaas, het gebeurt! Een werkgever die dat niet door heeft, neemt vervolgens wellicht een kandidaat aan die niet voldoet aan de taak-eis. Met alle vervelende en dure gevolgen van dien.

De Israëlische Guy Halfteck bedacht een oplossing. Hij ontwierp een aantal games, die in 10 minuten een betrouwbaar inzicht zouden kunnen geven in bepaalde cognitieve vaardigheden van een kandidaat. Recruiters kunnen sollicitanten in de voorselectie bepaalde computerspelletjes laten doen en zo wordt al snel een helder beeld verkregen van iemands persoonlijkheid.

Zal met deze nieuwe ontwikkeling een einde zijn gekomen aan onzekerheid die elke werkgever wel een beetje heeft, als hij een nieuwe werknemer op de loonlijst plaatst? Of heeft het inzetten van computerspelletjes in een werving & selectieprocedure ook haken en ogen?

Bron, klik hier

Share

Werktempo van creatieve taken ligt hoger bij thuiswerken, repetitief werk gebeurt sneller op kantoor

Het Nieuwe Werken-concept wordt in steeds meer bedrijven toegepast. Is het niet over de volle breedte, dan wordt vaak wel oogluikend toegestaan dat enkele taken wel vanuit het thuishonk kunnen worden uitgevoerd. Maar … welke taken kunnen het beste vanuit huis worden gedaan en welke beter niet? E. Glenn Dutcher verrichte daar in zijn studie “The Effects of Telecommuting on Productivity” onderzoek naar. Wat bleek? Thuiswerkers presteren 11-20% MEER als het om creatieve taken gaat, maar 6-10% MINDER als het repetitieve klussen betreft.

Klik hier voor het artikel

Share